18. jul, 2019

Dankzij de nacht

Het gedicht Donkere Nacht schreef Jan van het Kruis kort na zijn ontsnapping uit de donkere kloostergevangenis van Toledo, eind 1578. Hij verhaalt de onsnapping van een vrouw(ziel) die, in antwoord op een liefdesaanbod , haar woning in het geheim verlaat om haar beminde te vinden en zich met hem te verenigen.

Het commentaar op dit gedicht interpreteert dit als een spirituele zoektocht van de ziel naar God. Het gedicht bezingt de ontsnapping van de ziel uit zichzelf, uit het tot rust gekomen huis van haar begeerten en haar zorgen. Zij gaat snachts uit, enkel geleid door het licht dat in haar hart straalt. Het laatste deel bezingt de eenheid met God, de omvorming die hiervan het gevolg is en de verkregen vrede, dit alles dank zij de nacht.

In een nacht, aardedonker,

In brand geraakt en radeloos van liefde,

- en hoe had ik geluk! -

ging ik eruit en niemand

die 't merkte - want mijn huis lag reeds te slapen.

- Alain Delaye  Jan van het Kruis