11. jun, 2018

'Neem en lees, neem en lees'

Ik riep maar en huilde maar, mijn hart was vermorzeld en voelde heel bitter. En daar hoorde ik een stem uit een huis in de buurt telkens weer: 'Neem en lees, neem en lees.' Meteen veranderde mijn gezicht en ik begon na te denken of kinderen misschien zo iets zongen bij een spel. Maar ik kon me niet herinneren dat ik het ooit ergens had gehoord. 

Ik hield mijn tranen in en stond op. Ik kon het niet anders verstaan dan als een opdracht van God om het boek open te slaan en de eerste tekst te lezen die voor me lag. Ik had van Antonius gehoord dat hij zich door een tekst uit het evangelie, die hij toevallig hoorde voorlezen, aangesproken had gevoeld als was hij voor hem bedoeld. En op dat woord had hij zich bekeerd tot u.

Vlug holde ik naar Alypius, want daar had ik het boek laten liggen. Ik pakte het, sloeg het open en las stil de eerste tekst waar mijn oog op viel: ' Geen bras- en slemppartijen, geen ontucht en losbandigheid, geen tweespalt en jaloezie. Bekleed  u met de Heer Jezus Christus en geef niet toe aan uw eigen wil die begeerten in u opwekt.' Verder lezen wilde ik niet en was ook niet nodig. Opeens, aan het einde van de zin, stroomde er zoiets als een licht van zekerheid mijn hart binnen en alle duistere twijfel verdween.

Met mijn vinger ertussen deed ik het boek dicht. Mijn gezicht was weer rustig en ik vertelde het aan Alypius. En wat er in hem omging- en daar had ik geen weet van- vertelde hij me als volgt: hij vroeg of hij mocht zien wat ik gelezen had. Ik wees het hem aan en hij keek verder dan ik had gelezen. Ik wist dus ook niet wat er volgde. Maar er stond: 'Aanvaard mensen met een zwak geloof.' Dat betrok hij op zichzelf en dat legde hij me uit.

- Augustinus bekering deel vier